Tips & Advies

Deze wet verplicht fabrikanten straks tot gratis reparatie

· 5 min leestijd

Je wasmachine geeft na drie jaar de geest, de monteur zegt dat een nieuw onderdeel duurder is dan een nieuwe machine, en je staat weer bij de Coolblue in de rij. Dat scenario moet minder vaak gebeuren. Vanaf 31 juli 2026 geldt in de hele Europese Unie een nieuwe reparatiewet, en die verandert wat fabrikanten je verplicht moeten aanbieden als een apparaat kapotgaat.

Voor klussers en huiseigenaren is dit relevanter dan het klinkt. Wie zelf aan de slag gaat met apparaten, verbouwingen en onderhoud, krijgt er straks een stevig wapen bij: het recht om reparatie te eisen in plaats van vervanging te accepteren.

Wat de nieuwe wet precies regelt

De Europese Richtlijn 2024/1799, beter bekend als de Right to Repair-richtlijn, verplicht fabrikanten om producten te repareren die volgens EU-regels technisch te repareren zijn. Dat geldt zowel binnen als buiten de garantieperiode. Denk aan wasmachines, vaatwassers, koelkasten, stofzuigers, smartphones, tablets en tv's. De lijst met apparaten wordt de komende jaren uitgebreid.

Een fabrikant mag een reparatie niet zomaar weigeren om puur economische redenen, of omdat iemand anders al eerder aan het apparaat heeft gesleuteld. Alleen als reparatie feitelijk of juridisch onmogelijk is, hoeft de fabrikant niet te helpen. Kies je voor reparatie in plaats van vervanging tijdens de wettelijke garantieperiode, dan krijg je er ook nog twaalf maanden garantie bovenop.

Reserveonderdelen worden verplicht beschikbaar

Dit is misschien wel het onderdeel met de meeste impact voor doe-het-zelvers. Fabrikanten moeten essentiële reserveonderdelen beschikbaar stellen, niet alleen aan hun eigen servicepunten maar ook aan onafhankelijke reparateurs en consumenten. Wie zelf zijn wasmachine repareert hoeft straks niet meer te wachten op een importeur die toevallig nog een pomp op voorraad heeft, of te betalen voor een compleet nieuwe trommel omdat een los onderdeel niet los verkrijgbaar is.

Ook belangrijk: fabrikanten mogen reparaties door derden niet tegenwerken met softwaresloten. Een onafhankelijke monteur die jouw koelkast repareert, mag straks niet meer worden geblokkeerd door firmware die alleen originele onderdelen herkent.

Nederland loopt achter, en dat is geen detail

Hier wringt het. Elk EU-land moest de richtlijn uiterlijk op 31 juli 2026 omzetten in eigen wetgeving, maar het Nederlandse kabinet stuurde het wetsvoorstel pas op 9 juli naar de Tweede Kamer. De Consumentenbond meldde dat het daardoor onzeker is of de wet dit jaar nog ingaat. Duitsland was wel op tijd: de Reparaturgesetz haalde de Bundestag vijf weken voor de deadline. Italië regelde het al in 2025.

Voor jou als consument betekent dit dat je rechten pas ingaan zodra de Nederlandse wet er echt is, ook al is de Europese datum al verstreken. Check dus niet alleen de datum 31 juli, maar ook of Nederland de wet daadwerkelijk heeft aangenomen voordat je een fabrikant aan zijn verplichtingen probeert te houden.

Een leenapparaat tijdens de reparatie

Een ander praktisch punt: laat je een apparaat repareren binnen deze regeling, dan kun je in de tussentijd een vervangend apparaat lenen. Dat scheelt een hoop gedoe als je wasmachine drie weken bij de reparateur staat en je gezin ondertussen naar de wasserette moet. Er komt daarnaast een Europees reparatieformulier, zodat je vooraf zwart-op-wit ziet wat de reparatie kost en hoe lang het duurt.

Nederland liep hierop eigenlijk al een beetje voor: via nationaalreparateursregister.nl kun je nu al gekwalificeerde reparateurs in je omgeving vinden. Het Europese platform dat straks alle nationale registers verbindt, wordt naar verwachting niet voor 2028 volledig operationeel.

Repair Cafés als tussenstap

Tot de wet volledig werkt, blijft het Repair Café een van de handigste plekken om langs te gaan. Deze cafés richten zich vooral op kleine, draagbare spullen, maar voor advies over een grotere reparatie aan huis mag je gewoon binnenlopen. De vrijwilligers denken vaak mee over welk onderdeel je nodig hebt en waar je het kunt bestellen, ook als ze het apparaat niet zelf ter plekke repareren. Kies je bewust voor tweedehands materiaal bij een verbouwing, dan zoeken initiatieven als de Buurman op dezelfde manier mee naar geschikte onderdelen in plaats van meteen iets nieuws te bestellen.

Wat dit betekent voor je eigen klusprojecten

Combineer je toch liever zelf klussen met slim besparen, dan is dit een goed moment om je aanpak aan te scherpen. Bewaar altijd het typeplaatje en het serienummer van je apparaten, dat heb je straks nodig om te checken of een onderdeel onder de nieuwe regeling valt. Vraag bij een defect eerst naar een reserveonderdeel voordat je een nieuwe machine bestelt, ook als de winkel je liever iets nieuws verkoopt.

Praktisch advies: leg een map of foldertje aan met de aankoopbon, het typeplaatje en eventuele eerdere reparatiebonnetjes van je grote apparaten. Zodra de Nederlandse wet ingaat, moet je vaak kunnen aantonen wanneer je iets hebt gekocht en of het al eens gerepareerd is. Dat voorkomt gedoe aan de balie op het moment dat je daadwerkelijk een beroep doet op de nieuwe rechten.

Deze wet sluit ook aan bij een trend die je op deze site al vaker terugziet: zuiniger en bewuster verbouwen. Net zoals vergunningvrije klusregels je meer ruimte geven om zelf aan de slag te gaan, geeft deze reparatiewet je meer grip op wat je met je eigen apparaten mag. En met de ISDE-subsidiewijzigingen van dit jaar zie je een breder patroon: de regels rond je huis en je spullen verschuiven allemaal richting langer gebruiken in plaats van vervangen.

Volgens de Europese Commissie moet dit uiteindelijk geld besparen voor huishoudens en de circulaire economie een duw in de rug geven. Of dat in de praktijk ook zo voelt, hangt af van hoe snel Nederland de wet écht invoert. Houd je apparaten dus nog even bij de hand voordat je ze afdankt: over een paar maanden heb je mogelijk meer opties dan je nu denkt.

T
Geschreven door Thomas Akkerman Klussen & bouw redacteur

Thomas is aannemer die weet hoe een huis in elkaar zit, letterlijk, want hij heeft er inmiddels meer dan honderd uit elkaar gehaald en weer opgebouwd in zijn vijfentwintig jaar in het vak. Hij schrijft over klussen, verbouwen en renovatie met het soort praktische kennis dat je nergens in een YouTube-video vindt, omdat de meeste YouTube-klussers het makkelijke stukje filmen en stoppen voordat het echt ingewikkeld wordt. Thomas begon als vijftienjarige op de bouw bij zijn oom en werkte zich op tot zelfstandig aannemer met een team van acht man. Hij schrijft omdat hij moe is van mensen die onnodig geld uitgeven aan fouten die met goede informatie voorkomen hadden kunnen worden. Zijn toon is direct en zonder poespas, net als zijn offertes.